Ga naar hoofdinhoud

Blog: Wanneer je je zadel moet controleren als je paard even een dipje heeft (gehad)

“Ja ik heb even gewacht met de controle, m’n paard heeft namelijk een blessure gehad en was zo veel afgevallen. Ik dacht ik wacht maar even tot hij weer in conditie is!”. Ik hoor het zó vaak. Ergens snap ik de gedachtegang wel, maar het is niet helemaal juist helaas. Juist als je paard veel is verandert is het belangrijk om de pasvorm van je zadel te controleren! 

Als je paard veel is teruggevallen in conditie door bijvoorbeeld een blessure of ziekte, dan zie je dat de bovenlijn vaak ook veel inlevert. De meeste paarden worden dan, voornamelijk achter de schouder, een stuk smaller. Grote kans dat door deze verandering in je paard, je zadel een fractie te wijd wordt; hierdoor duikt het zadel iets voorover, gaat klapperen aan de achterkant, de vrijheid op de wervelkolom wordt beperkt en er wordt vooral enorm veel druk uitgeoefend achter de schouders van je paard. De balans rijkt hierdoor namelijk verstoord, het zadel gaat wat voorover liggen. Het paard wordt hierdoor beperkt in zijn beweging vanuit de schouder, maar krijgt ook moeite om de schoft juist omhoog te bewegen. Iets wat we – bij een correcte aanspanning – juist zo hard nodig hebben om goed over de rug te kunnen rijden. 

Een goed passend zadel zal altijd de druk over een zo groot mogelijk oppervlakte zo gelijk matig mogelijk verdelen. Op het moment dat de balans is verstoord doordat het zadel te wijd is, komt vrijwel alle druk direct achter de schouderbladen te liggen. Hierdoor ontstaat er méér druk achter de schouder waardoor de spieren meer te verduren krijgen. Voel je al aan waar ik heen wil? Weet je nog dat ik net schreef dat paarden vaak het meeste inleveren in bespiering direct achter de schouders? 

Oké, even samenvatten: we hebben dus een paard dat terug is gevallen in bespiering, met name achter de schouders. Hierdoor gaat het zadel wat voorover liggen en lokaliseert vrijwel alle druk direct achter de schouders. Het gevolg; door deze verhoogde druk achter de schouders kunnen de rugspieren daar onvoldoende ontwikkelen, daarnaast wordt het voor het paard heel moeilijk gemaakt om in de juiste aanspanning te bewegen waardoor het nóg weer moeilijker wordt om op de juiste manier bespiering op te bouwen in de bovenlijn. 

Kortom: je komt in een cirkel terecht. En ergens zal je die cirkel moeten doorbreken, of zorgen dat je er überhaupt niet in terecht komt! Deze hele cirkel had namelijk onderbroken of zelfs voorkomen kunnen worden door er voor te zorgen dat dat je zadelpasser het zadel komt aanpassen aan de veranderde situatie van je paard. Sommige zadels zijn prima aanpasbaar binnen het zadel zelf, bij andere zadels kan gebruik worden gemaakt van een pad met vullingen om zo de balans te herstellen en het stukje ‘paard’ dat je mist even op te vangen; tot het paard zelf weer voldoende is ontwikkelt. 

Paarden veranderen constant. Dat blijft de grootste uitdaging binnen ons werk. Daarom is het zo ontzettend belangrijk dat je goed vast houd aan je periodieke controles en daarnaast op tijd aan de bel trekt als je paard verandert, of hij nu aankomt of afvalt. Het kost wat extra geld, want het betekent ook dat je weer moet aanpassen op het moment dat het paard weer terug ontwikkelt, maar je paard kan niet in vorm komen als de pasvorm van je zadel te wensen overlaat.

Wil je meer weten over zadelpassen en handige tips krijgen over wat je zelf kan doen? Download mijn e-book over zadelpassen en rugproblemen bij paarden, speciaal voor paardeneigenaren!


Gerelateerde blogs